
Instrumenten van de gemeenteraad
Om hun taken goed uit te kunnen voeren hebben raadsleden enkele instrumenten tot hun beschikking:
Vragenrecht
Een gemeenteraadslid kan mondelinge en schriftelijke vragen stellen die het college van burgemeester en wethouders moet beantwoorden.
Recht van interpellatie
Raadsleden kunnen tijdens een raadsvergadering het college of de burgemeester om inlichtingen vragen over een onderwerp dat niet op de agenda staat. Dat heet interpelleren. De gemeenteraad beslist of de interpellatie wordt toegestaan.
Motie
Een motie is een korte schriftelijke verklaring met een oordeel, wens of verzoek aan het college van burgemeester en wethouders. Als een meerderheid van de gemeenteraad voor de motie stemt, is deze ‘aanvaard’ en gaat het college het uitvoeren. Een gemeenteraadslid kan tijdens een raadsvergadering een motie indienen wanneer hij (of zij) wil dat de gemeenteraad zijn mening uitspreekt over een bepaald onderwerp.
Amendement
De gemeenteraad kan wijzigingen aanbrengen in voorstellen van het college van burgemeester en wethouders. Dat doet de raad door het indienen van een amendement, een voorstel tot wijziging. Als de meerderheid van de raad voor het amendement stemt, wordt het oorspronkelijke voorstel gewijzigd.
Initiatiefvoorstel
Elk raadslid heeft het recht een voorstel voor te leggen aan de gemeenteraad. Dit wordt een initiatiefvoorstel genoemd. Raadsleden kunnen onder meer initiatiefvoorstellen indienen voor nieuw beleid of voor aanpassing van een verordening. Wanneer een meerderheid van de raad het voorstel steunt, voert het college van burgemeester en wethouders het uit.
Rekenkamercommissie
Voor het beoordelen van zijn beleid en de effectiviteit daarvan heeft de gemeenteraad een onafhankelijke rekenkamercommissie ingesteld. De rekenkamercommissie ondersteunt de gemeenteraad bij het uitoefenen van zijn controlerende taak. De rekenkamercommissie bepaalt zelf welke onderwerpen zij onderzoekt en op welke manier het onderzoek wordt ingericht.
Dit is een instrument van de gemeenteraad en niet van (individuele) raadsleden.


